Bronwater is nu duurder dan olie

Bron: Eindhovens Dagblad 
Door Leo Roggeveen

Aan de benzinepomp zijn opvallend veel blijde gezichten te zien. Sinds begin van dit jaar is de prijs voor ruwe olie met meer dan 30 procent gezakt. Gisteren werd voor een vat ruwe olie 36 dollar (33,10 euro) betaald: zo goedkoop was het zwarte goud niet meer sinds 2004. Bronwater is per vat nu duurder dan olie.

De reden van de lage prijs is toe te schrijven aan twee fenomenen: er wordt enorm veel olie opgepompt, terwijl de wereldeconomie, met name de Chinese, op een lager pitje staat.
Wie denkt dat de bodem van de olieprijs nu wel is bereikt, zou het wel eens mis kunnen hebben. Begin 2016 worden de internationale sancties tegen Iran opgeheven, waardoor het olieaanbod alleen maar zal toenemen.
Door dat grote aanbod verwachten analisten dat de olieprijs zich niet heel snel zal herstellen. De Amerikaanse bank Goldman Sachs sluit een terugval naar 20 dollar  per vat niet uit.
Eenzijdige interventies zoals Saudi-Arabië zich ooit dacht te kunnen permitteren, zijn uitgesloten. In de jaren tachtig van de vorige eeuw draaide de grootste olieproducent ter wereld de oliekraan dicht. Een kleiner aanbod zou leiden tot hogere prijzen, hette het, Dat pakte niet zo uit. Andere olielanden sprongen meteen in het ‘gat’, waardoor de prijs per vat laag bleef. En bovendien verloren de Saudi’s marktaandeel. Sindsdien opereert de Opec,waarin saudi-Arabië de grootste speler is, als een gesloten front. De macht én de eensgezindheid van de organisatie van olieproducerende landen kalft echter gestaag af. ten eerste zijn opkomende olielanden als Rusland, Amerika  en Noorwegen geen lid, wat de onderhandelingspositie er niet sterker op maakt. Bovendien is de Opec tot op het bot verdeeld. De arme Opeclanden Nigeria, Venezuela en Irak vinden dat het steenrijke Saudi-Arabië zich moet opofferen ‘voor de goede zaak’.  Er is echter geen haar op het hoofd van de Saudische olieminister Ali al-Naimi die daar aan denkt. En waarom zou hij ook? De productiekosten in zijn land worden geschat op 2,50 dollar per vat. In Amerika kost het 40 tot 50 dollar om een vat van 159 liter gevuld te krijgen met olie. De kostprijs van een vat olie, gewonnen uit Canadese  teerzanden ligt ook rond de 50 dollar per vat. Het Verenigd Koninkrijk (Noordzeeolie) spant de kroon met 52,50 dollar per vat. Uiteindelijk zullen de productiekosten de molensteen blijken voor menig olieproducerend land. ‘Dure olielanden’ zullen, linksom of rechtsom. uit de markt worden gedrukt, is de algemene verwachting. Shell trok zich vorige maand al terug uit Canada, ook al omdat de VS een streep zette door een oliepijpleiding van de Canadese grens naar de raffinaderijen in Texas.
Oliewinning in de diepzee wordt ook steeds onvoordeliger. Toch zullen de platforms niet snel dichtgaan. Nu de handdoek gooien zou een enorme kapitaalvernietiging betekenen.

De oliemaatschappijen kunnen niet anders dan hopen en bidden op betere tijden. 

 

Share